Wereldpaden Coaching

Psychologie & Coaching

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is 69405398_1401630729996577_6810441628797370368_o-bewerkt-1024x576.jpg

Therapie versus coaching

Het gaat niet goed met Ronald. Als hij ’s ochtends wakker wordt, voelt het alsof hij onder een stoomwals is gekomen. Hij sleept zichzelf het bed uit en maakt zich klaar om naar zijn werk te gaan. Hij werkt op een druk kantoor. Vroeger vond hij zijn werk leuk, maar de laatste tijd gaat hij met lood in de schoenen naar zijn werk. Hij heeft het idee dat hij steeds achter de feiten aanloopt en dat hij zijn werk nooit afkrijgt. En dan zijn er nog die collega’s die steeds een beroep op hem doen. Ze stellen hem telkens allerlei vragen waar hij niet zo goed ‘nee’ op durft te zeggen, terwijl hij zijn eigen werk amper afkrijgt. En zijn baas stelt steeds meer eisen, het werk moet steeds sneller binnen minder uren. Ronald voelt zich constant gespannen op het werk. Hij kan zich niet meer zo goed concentreren en vergeet de laatste tijd veel. Dit herkent hij helemaal niet van zichzelf, want hij was altijd heel erg punctueel. Als Ronald thuiskomt, voelt hij zich uitgeput. Dit duurt nu al weken. Slapen gaat steeds minder goed. Hij piekert veel. En hij heeft veel last van zijn schouders. Ronald gaat naar zijn huisarts, die vertelt hem dat hij last heeft van spanningsklachten en adviseert hem om met een psycholoog te gaan praten. Ronald ziet daar als een berg tegenop, maar realiseert zich dat het zo ook niet verder kan. Met de psycholoog praat Ronald over zijn werk. Over de druk die hij ervaart. Hij vertelt dat hij het moeilijk vindt om ‘nee’ tegen zijn collega’s te zeggen. Hij is dan bang dat hij het niet goed doet. Ronald wil het altijd voor iedereen goed doet. De psycholoog zegt dat hij perfectionistisch is, dat herkent hij wel. De psycholoog stelt ook veel vragen over zijn jeugd en over het gezin waarin hij is opgegroeid. Ronald vindt het maar vreemd dat ze dit allemaal aan hem vraagt, want wat heeft dit nu met zijn situatie op het werk te maken? Ronald vertelt dat zijn moeder altijd heel lief en zorgzaam voor hem was. Met zijn vader had hij een hele andere band. Vader was altijd heel erg streng en het was eigenlijk nooit goed genoeg. Als Ronald met een acht voor een proefwerk van school thuiskwam, vond zijn vader dat het ook een negen had kunnen zijn. Vader kon ook hele slechte zin hebben. Ronald vertelt dat hij al op jonge leeftijd rekening met het humeur van zijn vader leerde te houden. Als vader een slechte bui had, dan probeerde hij zich zo onzichtbaar mogelijk te maken. De psycholoog legt hem uit dat Ronald zich al op jonge leeftijd allerlei patronen heeft eigen gemaakt, zoals het patroon van hoge normen, voortkomend uit de mening van zijn vader die het nooit goed genoeg vond. En het patroon van zichzelf wegcijferen, omdat hij als kind geleerd heeft om constant rekening met zijn vader te houden. De psycholoog legt hem uit dat mensen deze patronen vaak uit hun kindertijd meenemen en dat deze patronen in de volwassenheid vaak in de weg gaan staan en tot allerlei klachten leiden. Gaandeweg de sessies krijgt Ronald steeds meer inzicht in de patronen. Ervaringen uit zijn kindertijd kan hij langzaam een plekje te geven. Zo kan hij de patronen in zijn huidige leven ook loslaten. Samen met de psycholoog maakt hij afspraken waarmee hij op zijn werk aan de slag mee kan gaan. Hij leert om grenzen te stellen naar zijn collega’s toe. Eerst voelt dit heel raar en onwennig, maar na een tijdje gaat het beter. Ronald leert zijn eigen normen bijstellen op het werk. Goed genoeg is de nieuwe norm, het hoeft niet perfect te zijn. Ronald gaat steeds meer rust ervaren. Zijn spanning in de nek neemt af. Hij kan weer beter slapen en het piekeren stopt. Langzaamaan merkt Ronald dat hij weer meer energie krijgt en heeft ook weer zin om naar het werk te gaan.

Marieke staat al jaren voor de klas. Ze heeft het naar haar zin, het geeft haar altijd voldoening om met de kinderen te werken. Ze heeft leuke collega’s waar ze het erg gezellig mee heeft. De laatste tijd gaat Marieke nog wel graag naar het werk, maar er knaagt ook iets aan haar. Ze doet het werk voor de klas nu al zolang, ze wil ook wel eens iets anders, maar ze weet niet zo goed wat ze dan wil. En ze durft ook niet zo goed de stap te zetten. Het lesgeven gaat steeds meer op de automatische piloot. Marieke verliest steeds meer haar plezier in het werk. Soms gaat ze met tegenzin werken. Marieke vindt dat dit niet langer kan en neemt de stap om met een coach te gaan praten. Aan de coach vertelt ze dat ze al heel lang met veel plezier voor de klas staat, maar dat ze graag wat anders zou willen, maar niet zo goed weet wat. Ze spreekt samen met de coach af om dat te gaan verkennen. Ze onderzoekt samen met de coach waar haar kwaliteiten liggen en wat haar belemmert om bepaalde beslissingen te nemen. Ze ontdekt dat ze eigenlijk heel graag haar eigen ateliertje zou willen beginnen. Ze is altijd heel erg creatief geweest en vond het altijd al leuk om met haar handen te werken. Vooral tekenen en schilderen vond ze altijd heel erg leuk en kon ze heel veel in kwijt. Op de middelbare school droomde ze ervan om naar de kunstacademie te gaan, maar ze koos uiteindelijk toch voor meer zekerheid en besloot om de lerarenopleiding te gaan volgen. Ze was altijd een goede student en heeft jaren met heel veel plezier voor de klas gestaan. Echter tijdens het coachingstraject komt ze erachter dat haar oude droom nog altijd springlevend is. Samen met haar coach maakt ze plannen hoe ze stap voor stap, naast het lesgeven, haar eigen ateliertje kan starten. Geïnspireerd en vol vertrouwen opent Marieke een aantal maanden later de deuren van haar eigen atelier.

Therapie gaat altijd over heling. Het helen van bijvoorbeeld oude ervaringen uit de kindertijd die nog altijd pijn doen en het doorbreken van oude patronen. Misschien is er sprake van traumatische ervaringen die iemand doorgemaakt heeft en om verwerking vragen. Soms wordt iemand lamgeslagen door allerlei angsten, waardoor het leven op de rem is komen te staan. Mensen kunnen last hebben van depressieve gevoelen en van spanning. Sommigen hebben al heel lang onder een behoorlijke druk geleefd. In therapie worden patronen doorbroken, trauma’s verwerkt en angsten uitgedaagd. Er wordt gewerkt aan verandering waardoor mensen zich beter gaan voelen.

Bij coaching gaat het om het vinden van antwoorden op de vragen ‘Wat wil ik in mijn leven?’ ‘Hoe kan ik dat aanpakken?’ ‘Waar liggen mijn kwaliteiten?’ Iemand gaat op zoek naar nieuwe paden om in te slaan en vindt nieuwe uitdagingen om aan te gaan. In die zin gaat coaching ook altijd over verandering.

Therapie en coaching kunnen elkaar heel erg aanvullen en zullen soms ook een beetje door elkaar lopen, want iemand die in therapie gaat om oude patronen te doorbreken, komt daarna vaak ook met de vraag ‘Wat wil ik in mijn leven?’ En iemand die een coachingstraject volgt, loopt vaak ook tegen zijn eigen valkuilen aan. Soms zijn die valkuilen al heel erg oud, komen ze nog uit de kindertijd en doen ze nog steeds pijn. Ze mogen dan losgelaten worden.

Zo heeft ieder mens een uniek pad. Soms met schitterende vergezichten, noem het onze kwaliteiten, successen en mooie ervaringen, maar soms ook met onbegaanbare en modderige paden, noem het onze valkuilen, onze nare ervaringen en onze belemmeringen. Het belangrijkste is echter om op het pad te blijven vertrouwen.

Mocht je dus ooit op zoek gaan naar een therapeut of naar een coach. Neem dit verhaal dan in je achterhoofd mee. Hopelijk vind je iemand die je beide vormen kan integreren en jou volledig kan ondersteunen op jouw pad.

De personen uit dit verhaal zijn fictief

Terug naar het overzicht